Een kind dat geen emotionele steun ontvangt
Een kind dat geen emotionele steun ontvangt, leert al heel vroeg dat gevoelens niet welkom zijn.
Het leert dat tranen, angsten of kwetsbaarheid te veel zijn, of dat er simpelweg niemand beschikbaar is om te troosten, te begrijpen of vast te houden.
Wat er dan gebeurt? Het zenuwstelsel schakelt over op overleven.
Het kind drukt emoties weg, verhardt van binnen of gaat net pleasen in de hoop tóch gezien te worden.
En ondertussen schrijft het onderbewustzijn overtuigingen die als onzichtbare rode draad door het leven blijven lopen:
"Mijn emoties zijn een last."
"Ik moet het alleen doen."
"Als ik me kwetsbaar toon, word ik afgewezen."
"Ik moet sterk zijn, altijd."
Als volwassene zie je dit vaak terug in patronen zoals:
moeite om steun te vragen of hulp te ontvangen,
gevoelens wegduwen en altijd ‘de sterke’ zijn,
bindingsangst of angst om echt dichtbij iemand te komen,
perfectionisme en overdreven zelfstandigheid,
eenzaamheid of een diep gevoel van leegte.
Waarom doen ouders dit?
Heel vaak omdat zij zelf nooit emotionele steun hebben ontvangen en dus niet wéten hoe dat eruitziet.
Ze hebben geleerd emoties te negeren of weg te lachen, en geven dit onbewust door aan hun kinderen.
Emoties zijn géén last, maar signalen van je innerlijke wereld.
Wanneer je vandaag leert om jezelf wél die emotionele support te geven (en deze te ontvangen van veilige anderen), breek je het patroon.
Je zenuwstelsel kan weer tot rust komen, je hart kan zich openen, en je leert dat kwetsbaarheid juist kracht is.
Jij hoeft het niet meer alleen te dragen.
Reacties
Een reactie posten