De sage van de Zwanenridder
De sage van de Zwanenridder speelt zich in de meeste oude versies af op de Valkhofburcht in Nijmegen. Op een schildering in kasteel Hohen-Schwangau in Füssen in Beieren is dan ook Nijmegen afgebeeld. Slechts in ƩƩn versie is Antwerpen het toneel, de versie die gebruikt is door Richard Wagner in zijn opera ‘Lohengrin’. In de vijftiende eeuw schreef een zekere Gert van der Schuren een kroniek waarin hij beweerde dat de zwanenridder de grondlegger is van het Kleefse vorstenhuis. In die tijd bestond er in kringen van de hertogelijke familie de behoefte de oorsprong van de dynastie bijzonder te maken. Zonder dat de inhoud van het verhaal daartoe aanleiding gaf, is langzamerhand het verhaal van de zwanenridder naar Kleef toegeschoven. Een destijds aan de Kleefse burcht toegevoegde toren kreeg dan ook de naam Zwanentoren. De inhoud van de sage is kortweg als volgt. In de achtste eeuw stond prinses Beatrix, die wees was, voor een raam van het slot van Kleef, hoog boven de Rijn. Zij werd ...