Een zachte wind, een stille stem
Er was eens…
Een plek zonder naam,
waar het licht danste op de bladeren
en de stilte zong zoals alleen stilte dat kan.
In dat land – dat je niet op een kaart vindt,
maar misschien wel in je borstkas voelt –
liep een reiziger met blote voeten,
alsof hij de grond wilde verstaan.
Onder zijn stappen fluisterde het mos:
“Wees niet bang voor het onbekende,
want het kent jou al sinds de eerste adem.”
Hij kwam bij een bron,
die niet stroomde met water,
maar met herinneringen die nog geboren moesten worden.
Daar boog hij zich,
niet om te drinken,
maar om te luisteren.
En wat hij hoorde,
was geen stem met klank,
maar een weten zonder woorden:
dat alles wat hij zocht,
al zachtjes op hem zat te wachten
in het hart van zijn eigen verhaal.
Een vlinder streek neer op zijn schouder,
en zonder iets te zeggen,
wist hij:
nu mag ik verder.
En zo stapte hij weer verder,
niet om te vinden,
maar om te herinneren
wat hij eigenlijk nooit vergeten was.
“De sterren verstoppen zich niet… je moet alleen durven omhoog kijken.”
—
Verteld bij zacht flikkerend lamplicht,
met de geur van stof, oude decors
en eeuwige hoop.
Reacties
Een reactie posten