Veel mensen die “altijd sterk” zijn

 Veel mensen die “altijd sterk” zijn, dragen een verhaal dat vaak al in hun kindertijd begon.

Ze waren het verstandige kind.
Het kind dat zich aanpaste.
Het kind dat aanvoelde wat er nodig was.
Niet omdat dat hun natuur was,
maar omdat hun omgeving het van hen vroeg.
Wanneer een kind opgroeit in een sfeer van spanning, emotionele afwezigheid of onvoorspelbaarheid, ontwikkelt het een bijzondere gevoeligheid.
Het leert de emoties van anderen lezen.
Het voelt wanneer er iets niet klopt.
En het probeert, vaak onbewust, de balans te bewaren.
Zo neemt een kind verantwoordelijkheden op zich die eigenlijk niet bij een kind horen.
Het wordt de bemiddelaar.
De helper.
De stille drager van wat in het gezin niet gedragen wordt.
Aan de buitenkant lijkt dat vaak een kracht.
Maar diep vanbinnen blijft er een stuk achter dat nooit echt kind heeft kunnen zijn.
En dat deel leeft vaak nog verder in ons volwassen leven.
In het moeilijk kunnen ontspannen.
In het gevoel altijd “aan” te staan.
In het niet goed kunnen ontvangen of leunen op anderen.
Alsof je lichaam nog steeds alert blijft,
alsof het nog steeds degene moet zijn die alles draagt.
Ergens onder die oude spanning leeft ook een ander verlangen.
Het verlangen om niet altijd sterk te moeten zijn.
Om jezelf te mogen laten dragen.
Om te ervaren dat je niet alles alleen hoeft te doen.
Wanneer je lichaam stap voor stap opnieuw veiligheid leert voelen,
kan dat oude patroon beginnen verzachten.
Dan ontstaat er ruimte voor iets wat misschien lang ontbrak:
rust, zachtheid en het gevoel dat je eindelijk mag landen in jezelf.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Open brief aan mijn oudste dochter...

Kraai

Vraag me niet hoe ik altijd lach

Gone with the Wind (1939)

Ekster