Ik kijk veel naar de vogels
Ik kijk veel naar de vogels.
Ze bouwen een nest, broeden de eieren uit.
Daarna hebben ze een enorm werk aan het voeren van de jongen.
Dan komt het moment van uitvliegen van het grut.
In begin komen ze nog bedelen bij hun ouders om voer, maar al snel kunnen ze zichzelf redden.
Ze vliegen weg en komen niet meer terug op het nest.
De ouders gaan niet zitten treuren.
Soms starten ze nog een keer met leggen van eieren.
Maar is het later in het seizoen, dan zorgen ze voor zichzelf.
Zo kunnen ze de reis aan die voor hun ligt als de vogeltrek begint.
Zo kijk ik er naar.
Ik heb er alles aan gedaan om mijn kinderen een goede start te geven. Daarmee kunnen zij de wereld in.
Het is een groot geluk dat er kinderen zijn die wel omkijken en er voor mij zijn. Maar dat er eentje dat niet meer doet, is wat het is.
Ik zorg nu goed voor mijzelf.
Zo kan ik de reis aan, die het leven nog in petto heeft.

Reacties
Een reactie posten