Langs de oude grachten van de stad
Langs de oude grachten van de stad
waar water fluistert tegen verweerde stenen,drijft de avond langzaam binnen
als een vergeten gedicht van licht.
Fietsbellen breken zacht de stilte,
een tram zingt door de mist van herinneringen,
en achter ramen vol gouden schijn
leven duizend kleine werelden tegelijk.
Amsterdam ademt niet in haast,
maar in verhalen.
In de geur van regen op bruggen,
in koffiehuizen waar verloren zielen
hun naam terugvinden tussen dampende glazen.
Ik zag een man zwijgend naar het water kijken
alsof hij wachtte op antwoord van de maan.
Want de grachten dragen meer dan boten alleen;
zij dragen dromen,
verdriet dat ooit geliefd werd,
en liefdes die nog altijd rondwaren
tussen scheve gevels en oude lantaarns.
De nacht hangt hier als een mystieke mantel
over het donkere water.
En ergens, diep onder het rimpelende oppervlak,
lijkt de stad te weten
dat iedere mens onderweg is
naar zichzelf.
Misschien daarom blijven mensen terugkomen.
Niet voor de stenen,
niet voor de straten,
maar voor dat onzichtbare gevoel
dat tussen hemel en water leeft.
Alsof de ziel van de stad zachtjes zegt:
“Verdwaal gerust een beetje.
Soms vinden mensen juist daar
hun ware licht.”
Reacties
Een reactie posten