Vogelvrij En Romantiek
Vogelvrij En Romantiek
De brug waar ik vannacht onder sliep, is een bijzonder architectonisch meesterwerk. Een mix van beton en graffiti, met een lekkage die zo precies druppelt dat ik het een metronoom zou noemen. Ritmisch, geruststellend bijna, als je er maar lang genoeg naar luistert. Mijn hond, die ik liefdevol "de enige constante in mijn leven" noem, ligt naast me op een oude deken. Hij snurkt. Hard. Zelfs de brug trilt ervan.Het is vreemd hoe zoiets triviaals als een brug mijn thuis kan zijn, terwijl anderen miljoenen betalen voor een vierkante meter baksteen. Maar goed, ik heb mijn plafond tenminste altijd bij me. De sterrenhemel: romantisch, toch? Of zoals mijn hond het ziet: een gemiste kans op een dak vol lekkende worstjes. Soms benijd ik zijn eenvoud.
Dakloos, vogelvrij – wat is een woord als het niets zegt over de werkelijkheid? De maatschappij noemt me dakloos. Ik noem het: de vrijheid om altijd naar de sterren te kunnen kijken zonder muren die het zicht belemmeren. Maar goed, soms regent het. Soms ruikt mijn slaapplaats naar allesbehalve frisheid. En soms krijg ik een euro in mijn hand gedrukt terwijl ik koffiedrink op een bankje, omdat mensen nu eenmaal niet weten hoe ze anders met je om moeten gaan. "Hier," zeggen ze dan, met wat ongemakkelijk medelijden. Ik neem de euro aan en glimlach. Mijn hond haalt zijn neus op. Hij begrijpt het ook niet.
Vrijheid en romantiek gaan hand in hand, zou je denken. Maar daar zit de grap. De liefde, die mysterieuze kracht die de wereld zogenaamd draaiende houdt, heeft mij altijd weten te vinden – en vervolgens vriendelijk bedankt voor mijn interesse. Ik ben een hopeloze romanticus, niet in de zin dat ik ooit de ware zal vinden, maar meer in de zin dat ik overal poëzie zie waar anderen het zouden missen. Neem nou gisteren, toen ik een rode ballon zag wegwaaien in de wind. Ik vond het prachtig. Hij bewoog zo mooi sierlijk met de dans van de wind mee en de weerkaatsing van het gebroken licht gaf daar een magisch palet aan. Een man die naast me stond, keek me aan alsof ik gek was. Misschien was hij dat wel, geen idee. Maar mijn fantasie draaide heerlijke overuren en bracht een glimlach op mijn gezicht. Zo mooi en romantisch kan een ballon al zijn door mijn ogen. Je hoeft er alleen maar een momentje voor stil te staan.
Liefde volgens de "maatschappij" is een betonnen kist als huis met flink veel glas en plastic bloemen die meer stof bevatten dan het oude huis van je oma, twee salarissen, en een Labrador die perfect getraind is, lees: "eet, schijt, slaapt en herhaalt." Mijn versie van liefde is anders. Mijn liefde ken geen grenzen of controversen, mijn liefde is mijn hond, die altijd bij mij terugkomt, zelfs als ik hem een uur lang achterna moet zitten omdat hij een worst heeft gestolen van een nietsvermoedende barbecue-liefhebber. Niet om dan boos te worden op hem, maar gewoon omdat het leuk is om met hem te spelen. Mijn liefde is het schrapen van mijn laatste centen voor een kop koffie, omdat ik weet dat de geur ervan me net dat beetje hoop geeft om door te gaan. Mijn liefde is de warme blik van een vreemde, die me niet ziet als een project, maar gewoon als een mens. Iets wat heden ten dage vrij uitzonderlijk is, weet ik nu.
En toch, daar is die vraag. Ben ik een romanticus of gewoon slecht in liefde? De laatste keer dat ik dacht dat het klikte met iemand, eindigde het met een uitleg over hoe ze “spiritueel verbonden” was met een ex die nu op een andere planeet leeft. Letterlijk. Of het nou een metafoor was of niet, ik had geen zin om het uit te zoeken. Mijn hond en ik zijn er vandoor gegaan. We hebben betere dingen te doen dan deelnemen aan intergalactische liefdesdrama's.
Misschien is liefde uiteindelijk net zoals dat lekkende dak boven mijn hoofd vannacht. Het is niet perfect, het laat je nat en koud achter, maar er zit een ritme in dat je op de een of andere manier geruststelt. Ik hoef geen huis met een perfecte tuin of een partner die altijd weet wat ik nodig heb. Ik hoef alleen een plek waar ik mijn hoofd neer kan leggen, een hond die naar me lacht met al zijn gekkigheden, en het idee dat de wereld, met al haar absurditeit, nog steeds vol poëzie zit. Je hoeft het alleen maar te willen zien.
Neem nou mijn hond. Hij heeft het talent om zichzelf onmisbaar te maken. Of het nu gaat om het vinden van een half opgegeten hotdog in de prullenbak of het verleiden van voorbijgangers met zijn onschuldige puppyblik (die overigens niets minder dan een meesterwerk van manipulatie is). Hij begrijpt precies hoe je van het leven een kunstwerk maakt: met een beetje vuilnis en een hele hoop flair.
Dus ja, noem me vogelvrij. Noem me dakloos. Noem me een idioot die nooit zal begrijpen wat liefde echt betekent. Maar weet je? Onder deze brug, met mijn metronoom van een lekkage, voel ik me vrijer en meer geliefd dan ik ooit heb gevoeld in de strak omlijnde hokjes van wat de maatschappij “thuis” noemt. En als dat niet genoeg is, dan weet ik het ook niet meer.
Oh, en mocht iemand het zich afvragen: mijn hond heet Happy. Want als iemand mijn pessimisme en optimisme kan dragen, is hij het wel.
"Liefde is geen plek, geen bezit, maar een fluistering in de stilte, een ballon met vleugels gestuurd door licht."
De Vrijheid van Liefde
Ik leef waar sterren de muren vervangen,
Waar het ritme van regen mij in slaap sust.
Geen sleutel past hier, geen slot te forceren,
Alleen de wind weet hoe mijn hart rust.
Mijn hond, een poëet zonder woorden,
Zijn ogen spreken meer dan taal ooit deed.
We delen een wereld zonder vaste vormen,
Een universum dat met elke stap leeft.
Liefde is niet wat je vasthoudt of vindt,
Het is de dans van een ballon in de wind.
Het is het zachte tikken van tijdloze druppels,
Een vleug hoop in gebroken rimpels.
Noem me vogelvrij, noem me dwaas,
Maar ik zweef door het leven... Geen haast.
De sterren mijn dak, mijn hond mijn vriend,
En de wereld...
...Een kunstwerk dat steeds opnieuw begint.
Reacties
Een reactie posten