Die zetel
Die zetel. Hoe lang die voor mij heeft gevoeld als een oordeel.
Zodra ik me neerlegde, hoorde ik nog steeds haar stem. Moe? Dan moet je eens volwassen zijn. Dan is het leven pas hard.
En ik geloofde haar. Compleet.
Mijn lichaam probeerde het me op een andere manier te zeggen want ik werd regelmatig ziek. Van de spanning, van altijd op aan staan, van nooit echt kunnen loslaten. Maar ook dat werd weggewuifd. Er was altijd wel iets aan mij. Dus ik zweeg. Overtuigend dat dit mijn fout was.
Ze droeg zelf de overtuiging dat stilstaan gevaarlijk is. Dat werd haar ook geleerd, door haar moeder, die het weer van de hare had. Zo gaat een wonde van generatie op generatie, zonder dat iemand het door heeft.
En wat het met een kind doet? Het leert dat haar behoeften niet tellen. Dat haar lichaam overdrijft. Dat ze rust moet verdienen voordat ze die mag voelen.
Het zenuwstelsel onthoudt dat. Lang nadat de situatie voorbij is. Rust wordt gevaar. Bezig zijn wordt veiligheid. Je draagt dat patroon mee in alles wat je doet, ook als je er geen naam voor hebt.
Voor mij begon het anders worden toen ik volledig voor mezelf startte. Pas dan zag ik hoe hoog ik altijd op aan stond. Hoe gewend ik was aan die constante spanning in mijn lijf. Hoe verslaafd ik eigenlijk was aan dat constante gevoel van bezig zijn.
Heling begint niet met harder je best doen. Het begint met leren dat stoppen geen falen is. Dat je lichaam het waard is om naar te luisteren. Dat jij het waard bent.
Herken jij die stem ook? Die zegt dat je het nog niet verdiend hebt om te rusten? 
Ik lees graag met je mee.
Reacties
Een reactie posten