Regenboog
Een ieder die hoopt aan het einde van de regenboog een zak met goud te vinden die moet ik helaas teleurstellen. Want hij is gevonden door een oud miezerig mannetje.Het oude miezerige mannetje was egoïstisch, boosaardig maar ook ongelukkig. Toen hij de zak met goud vond zorgde hij er voor dat niemand het te weten kwam. Omdat hij bang was dat mensen wat van zijn goud wilden hebben besloot hij het te verbergen in de grond.
Op een donkere nacht sloop het oude miezerige mannetje stiekem met de zak met goud over zijn schouder naar het veld. Het gras was er hoog en dicht begroeid. Het was eigenlijk een veld waarin de elfjes dansten. Maar dat wist het oude miezerige mannetje niet.
De elfjes waren behulpzaam en altijd bereid om iemand te helpen. Soms waren ze ook ondeugend. Toen de oude man door het gras liep werd hij door een elfje bespioneerd. Zonder dat hij het merkte maakte ze met een scherp grassprietje een gat in de zak.
Eén voor één viel er een goudstuk in het gras. Langzaam werd de zak steeds lichter en lichter. Maar het oude miezerige mannetje merkte het niet, omdat hij zo snel mogelijk de bosrand wilde bereiken zonder dat iemand hem zag.
De zak was leeg voordat hij het bos bereikte. In het gras lagen de gouden munten te stralen als gouddruppels. ,,Laten we ze op steeltjes leggen zodat iedereen ze kan zien!”, zeiden de elfjes.
De elfjes werkten de hele nacht door. In de morgen zon schitterde het veld door al het goud wat op de steeltjes lag.
Jullie mogen het boterbloemen noemen lachten de ondeugende elfjes, maar het blijven goudstukken.

Reacties
Een reactie posten