Wees als een zwaan
Wees als een zwaan
In het vroege licht, waar de dag nog aarzelttussen belofte en herinnering,
glijdt de zwaan over het water
als een zin die precies weet
waar hij moet eindigen.
Haar wit is geen opschepperij.
Het is de stilte na een gebed,
het zachte ja van een ziel
die niet wil overheersen
maar aanwezig durft te zijn.
Onder het spiegelende oppervlak
werkt zij onzichtbaar.
Daar, in het donkere schrift van het water,
schrijft zij haar volharding
met snelle, onvermoeibare regels.
Wie alleen naar boven kijkt,
mist het verhaal.
De zwaan strijdt niet tegen de stroom.
Zij leest hem.
Zij begrijpt dat dragen soms heiliger is
dan duwen,
en dat overgave geen zwakte is
maar een andere vorm van kracht.
Er zit iets theologisch in haar houding,
alsof zij weet
dat genade niet roept,
maar wacht.
Dat het leven niet vraagt om luid geloof,
maar om trouw
in kleine, herhaalde bewegingen.
Wanneer het water rimpelt
en de wereld even wankelt,
spreidt zij haar vleugels—
niet om te vluchten,
maar om haar evenwicht te hervinden.
Wees als een zwaan, zegt het beeld.
Leef zo dat je rust niet gespeeld is,
maar verdiend.
Dat je stilte spreekt.
Dat je weg, hoe smal ook,
een spoor van vertrouwen achterlaat
op het open water van de tijd.
Reacties
Een reactie posten