Er was eens een Duitse staande.
Er was eens een Duitse staande, een mooie hond
Die keek zo schichtig in het rond
Zijn baas leek vreselijk gestoord
Alle hoop werd in de kiem gesmoord
De hond kon er niets aan doen
Dat hij en niet de hond, niet werd Belgisch kampioen
Hij zag zijn baasjes boze gezicht
De ogen steeds op hem gericht
Hij bedelt om wat menselijk begrip
De baas blijft echter nors en sip
Waarom moet die man eigenlijk zo lelijk doen
Is hij misschien de volwaardige kampioen.
Wie weet of hij ook niet stiekem aan zijn geest wat lijdt
Door zijn nors zijn is hij nu al zijn probleempjes kwijt?
Is hij ook zo glanzend en gezond
Gelijk ik, zijn trouwe hond.
Reacties
Een reactie posten